Expositie Eugène Brands in Cobra Museum

cobraMeer dan honderd werken van Eugène Brands zijn van 20 januari af te zien in het Cobra Museum. De expositie ‘Eugène Brands: van huiskamer tot heelal’ heeft een overzicht van zijn rijke en brede oeuvre rond thema’s als de kindertekening, het panta-rhei-principe en het universum.

Brands was de initiator van de eerste, roemruchte CoBrA-tentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam in 1949. Het omvangrijke overzicht is een reis langs de diverse periodes van Brands’ oeuvre, beginnend in zijn huiskamer en eindigend in het heelal. Daarbij aan bod komen onder meer Brands’ surrealistische werk uit de jaren ’40, de CoBrA-periode, de kinderlijke figuratie van de jaren ’50, en zijn abstracte werk rond zowel aardse als kosmische thema’s.

Eugène Brands trok zich het liefst terug in de vertrouwde omgeving van zijn atelier aan huis. Hier creëerde hij zijn eigen microkosmos waarbinnen hij zich omringde met zijn belangrijkste inspiratiebronnen, waaronder wereldmuziek, etnografica en kennis over het heelal. Vanuit deze huiselijke omgeving reflecteerde Brands – aan de hand van zijn werk – op de macrokosmos en de daaraan gerelateerde existentiële vragen over het bestaan.

Tijdens de oorlog, toen hij weinig middelen tot zijn beschikking had, legde hij het interieur van zijn woning aan de Oudezijds

Neergestort sterrenbeeld

Neergestort sterrenbeeld

Voorburgwal op minutieuze wijze vast. Ook maakte hij, beïnvloed door etnografica, kort na de oorlog een hele reeks maskers. Brands’ vernieuwende werk bleef niet onopgemerkt. Willem Sandberg, toen nog conservator van het Stedelijk Museum Amsterdam, werd in 1941 gegrepen door Brands’ werk en gaf hem in 1946 als deelnemer aan de tentoonstelling Jonge Schilders in het Stedelijk een eigen zaal.

CoBrA-jaren

Brands was slechts een korte tijd betrokken bij CoBrA, en was eigenlijk vanaf het begin een buitenstaander binnen de beweging. Hij was een dromer, en werkte eigenlijk liever alleen dan in groepsverband. De jonge kunstenaars Appel, Corneille en Rooskens waren geïntrigeerd door Brands’ werk dat ze in 1946 gezien hadden in het Stedelijk. Sindsdien kwamen ze vaak bij hem op bezoek. Na enig aarzelen besloot Brands zich dan ook aan te sluiten bij de Experimentele Groep in Nederland. Hij speelde vervolgens een cruciale rol in de totstandkoming van de beruchte CoBrA-tentoonstelling van 1949 in het Stedelijk Museum Amsterdam, door aan directeur Willem Sandberg voor te stellen om in plaats van een solotentoonstelling daar te exposeren met de Experimentele Groep Holland (die al snel opging in de CoBrA-groep). In zijn CoBrA-periode liet Brands de surrealistische elementen in zijn werk achter zich en schilderde hij in een vrije, (lyrisch-)abstracte stijl. Het vervaardigen van gouaches en grote olieverfdoeken wisselde hij af met het maken van ‘reliëfs’ van beschilderd hout en gevonden materialen. Zijn interesse in volkskunst en in het surrealisme deelde hij met de andere CoBrA-leden.

Kindertekening

Geïnspireerd door zijn CoBrA-periode en zijn dochtertje Eugénie, die rond deze tijd begon met tekenen, begon Brands in 1951 met het maken van figuratief werk met een opvallend kinderlijke beeldtaal. Het was de kinderlijke argeloosheid in kindertekeningen die hem aansprak, maar ook het vreemde en het soms onheilspellende. Hij verlangde ernaar om zich op zo’n zelfde onbevangen manier uit te drukken. Eugénie Brands (links) omstreeks 1951 met rechts een werk van Eugène Brands.

Buiten zijn vertrouwde kring stuitte Brands met dit werk op onbegrip. Musea toonden weinig interesse. Zijn figuratieve voostellingen paste niet binnen de toen populaire/vooruitstrevende canon van de abstracte kunst. Ruim tien jaar later bleek de sprookjeswereld van het kind voor Brands uiteindelijk toch te beperkt, te veel naar binnen gekeerd. Om zich te kunnen bevrijden moest hij naar buiten treden, de aarde voorbij, het universum in.

Het mysterie van de natuur

Brands raakte halverwege jaren 60 geïnspireerd door het landschap, de natuur en het mysterie daarvan. Vanuit deze onderwerpen in zijn schilderkunst wist hij ook zijn daarnaast lang bestaande fascinatie voor de kosmos, de planeten en sterren weer opnieuw een plek in zijn oeuvre te geven; al in 1947 presenteerde hij bijvoorbeeld een gigantische sterrenbeeldtekeningen aan Sandberg om in het Stedelijk Museum te exposeren. Brands reflecteerde op de macrokosmos en de daaraan gerelateerde existentiële vragen over het bestaan. Het ‘panta rhei’-principe van de Griekse filosoof Heraclitus stond hierbij centraal: oftewel het idee dat alles stroomt, alles beweegt en alles oneindig is. Dat resulteerde onder meer in grote, abstracte werken die meer ruimte gaven voor existentiële overdenkingen.

10 x verzameld

De tentoonstelling Eugène Brands van huiskamer tot heelal is samengesteld door het Cobra Museum in samenwerking met Eugénie Brands en de Stichting Eugène Brands. Er zijn bruiklenen van onder meer Christian Ouwens Collectie, T.S. Okker, en de Collectie Kok – van den Leuvert.

Deze en andere collectioneurs staan centraal in het door Eugénie Brands geïnitieerde en door 99 Uitgevers uitgegeven boek: 10 x verzameld. Het boek wordt op de dag van de tentoonstellingsopening gepresenteerd, op 19 januari in het Cobra Museum.

 

 

 

 

Lees ook:Werken uit Cobra Museum in Ver. Ar. Emiraten
Lees ook:Cobra-kunstenaar Götz (103) overleden
Lees ook:Cobra beeldhouwkunst bij Kasteel Keukenhof
Lees ook:Katja Weitering verlaat Cobra Museum
Lees ook:Cobra werken uit AV in museum Oman

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.